- 3 - Verder zijn er, aldus nog steeds de voorzitter, in het plan opgenomen enkele jachthavens, een parkeerterrein, "bungalows met garages enz. Verder zegt de voorzitter nog dat reeds in 1966 moet worden begonnen met het grondverzet. De heer Grootenboer is zeer pessimistisch gestemd. Gezien de ontwikkeling in het laatste half jaar, aldus spreker, zie ik van al deze plannen niets terecht komen. De voorzitter begrijpt niet wat de heer Grootenboer bedoelt. De heer Grootenboer zegt dan dat er bijna twee jaar geleden iemand met de voorzitter en met de heer Koekkoek heeft gesproken over het stichten van een gebouw v'or het bouwen van kano's en jachten. Er is toen door U, aldus spreker, gezegd dat dit de volle aandacht had. Daarna heeft betrokkene nog gesproken met wethouder Dekkers, maar dit alles is op niets uitgelopen en nu zit hij weer vast. De voorzitter zegt dat als dit plan verwezenlijkt wordt, er ook anderen van kunnen profiteren. Wij moeten echter, aldus spreker, hierbij wachten op de de totstandkoming van de Deltawerken. Want het is, aldus de voorzitter, wel duidelijk dat bij de rekreatieve plannen niet alleen de gronden ten oosten van Willemstad zijn betrokken, maar ook het gebied ten westen van de stad. Deze gebieden mogen echter naar de mening van burgemeester en wethouders elkaar niet beconcurreren, maar moeten eigenlijk één geheel vormen. In het gebied ten westen van de stad zouden moeten komen, aldus de voor zitter, een café-restaurant, winkels en bedrijven voor scheepsbevoorrading, terwijl er op het verkeerseiland was gedacht aan een groot motel. De voorzitter zegt nog dat het bureau Manhave bereid is ook al de hiervoor genoemde projecten te exploiteren en financieren. Hij acht het zeer juist, dat dit door hetzelfde bedrijf wordt gedaan, omdat er zodoende een harmonie ontstaat tussen de gebieden ten oosten en ten westen van Willemstad. De voorzitter zegt verder, dat over de bestemming van het verkeerseiland op 6 november 1963 reeds een bespreking heeft plaats gehad met ingenieur Cappendijk, arrondissementsingenieur van het arrondissement Brielle. Deze heeft toen medegedeeld dat, terzake van de bestemming van het verkeers eiland, een interdepartementale studiecommissie was benoemd, waarin de Ministeries van Landbouw, Financiën en Verkeer en Waterstaat waren vertegen woordigd. Op advies van de heer Cappendijk hebben wij toen onze visie over de nood zaak tot het stichten van rekreatieve- en toeristische voorzieningen neer gelegd in een schrijven aan de Direkteur-Generaal van de Rijkswaterstaat in Den Haag. Dit laatste, aldus nog steeds de voorzitter, is gebeurd op 19 december 1963» terwijl dit schrijven pas werd beantwoord op 20 mei 1964» De inhoud van deze laatste brief heeft het college van burgemeester en wet houders wel zeer verwonderd. De voorzitter leest dan deze brief voor, waardoor tot uiting komt, dat er voor de bestemming van het verkeerseiland een werkgroep is gevormd waarin zitting hebben vertegenwoordigers van Rijkswaterstaat, de Dienst der Do meinen, het Staatsbosbeheer en het Instituut voor Stad en Landschap van Zuid-Holland. Deze laatste instelling wordt dan de stedebouwkundig adviseur van o.a. Willemstad genoemd, iets wat in het geheel niet juist is. Het blijkt dus dat de gemeente Willemstad, op wiens grondgebied het verkeers eiland komt, helemaal niet is vertegenwoordigd in deze werkgroep. Burgemeester en wethouders zullen, aldus spreker, opnieuw schrijven naar de Direkteur-Generaal van de Rijkswaterstaat, waarbij zij hun teleurstel ling uit zullen spreken over het feit, dat de gemeente Willemstad niet in bedoelde werkgroep is vertegenwoordigd. - 4 -

Raadsnotulen

Willemstad: Notulen gemeenteraad, 1927-1995 | 1964 | | pagina 42