12 - De heer G.N. de Lint acht een verbreding van de inrit, met het oog op het toenemende verkeer, noodzakelijk. De voorzitter zegt kontakt te zullen opnemen met de heer Dekker en de stede- bouwkundige Het plan wordt aangehouden. Vaststelling bedrag per Zonder hoofdelijke stemming besluit de raad overeenkomstig het voor- - - stel van burgemeester en wethouders het bedrag per leerling ex artikel 55bis leerling art. der Lager Onderwijswet 1920 voor het jaar 1964 vast te stellen op 55his l.o.-wet f. 58,15, 1920. Vaststelling begroting 1964. De heer W.J.Schuil zegt dat de voorzitter in zijn nieuwjaarsrede nage noeg dezelfde wensen naar voren brengt als spreker gaat doen. Alleen is mijn beschouwing wat kritischer gesteld, aldus spreker. U moet dit echter zien in het belang van de gemeente. Hierna geeft de heer Schuil de volgende beschouwing: Algemene beschouwingen 1964. Het houden van algemene beschouwingen is volgens de fraktie van de P.v.d.A. een goede gewoonte, omdat het kansen biedt de bestuurlijke aangele genheden van de gemeente in zijn totaliteit eens kritisch te ontleden en tevens gelegenheid biedt de eigen visie naar voren te brengen. Het zal duidelijk zijn dat de voorliggende begroting voor 1964 daarbij geen leidraad kan zijn. De begroting verschilt in grote lijnen niet zo veel van de vorige en geeft geen beleidslijn aan. Er is een nadelig slot van ruim f. 6.000,-- op de gewone dienst en ook de kapitaaldienst vertoont een nadelig slot van f. 684.739,03. Hieruit te concluderen dat het de gemeente dus slecht gaat zou zeer voor barig zijn. Wij geloven niet in deze conclusie. Wij kunnen dat temeer niet, omdat te voorzien valt dat er in 1964 ten aanzien van zeer belangrijke zaken spijkers met koppen" dienen te worden geslagen. De voorboden daarvan hebben zich in de afgelopen periode duidelijk laten voelen. Recente raadsvergade ringen waren getuige van een kritisch geladen raad ten aanzien van diverse beleidspunten van het gemeentebestuur. Er zijn harde noten gekraakt over een niet al te voortvarend bouwbeleid. Het college werd verzocht meer efficiënt te werken in de sektor van de volkshuisvesting. Er zijn op dat gebied toch al belemmeringen te over en de raad is van mening dat men niet daarnaast de zaak onnodig moeilijk dient te maken. Onze fraktie staat op het standpunt dat die stimulans uit de raad niet al leen nodig was, doch ook nuttig kan werken. Wij willen in het verband van de volkshuisvesting nog wijzen op het grote aantal bejaarden van Willemstad en zijn van mening dat de bejaardenhuisvesting met kracht ter hand moet wor den genomen. Bij de besprekingen over het bouwbeleid kwam een andere zaak in het middelpunt van de belangstelling, n.l, de grondpolitiek van het gemeente bestuur. Ondanks herhaald aandringen door diverse frakties bleek ook hier een naar onze mening veel te trage gang van zaken. Benodigde gronden komen niet op tijd ter beschikking en in een beslissend stadium staat men met lege handen omdat er geen bouwgrond is. Onafhankelijk van het onjuiste van deze gang van zaken willen wij wijzen op een met deze aarzelende politiek samenhangend financieel nadeel voor de gemeenschap. Sedert de vorige rege ring do grondprijzen vrijgaf, zijn deze fabuleus gestegen en is fle grond- speculatie geworden tot een kankergezwel in de Nederlandse samenleving.

Raadsnotulen

Willemstad: Notulen gemeenteraad, 1927-1995 | 1964 | | pagina 12