woning in 1957 toepast. Laten we het daarbij laten. dhr. MARIJNISSEN. Ik ben het volkomen eens met de op merkingen van dhr. Herbers. Het kardinale punt is, dat men verbeteringen beschouwt als of degradeert tot achterstallig on derhoud. Als men de verbete ringen en die zijn het m.i. in aanmerking neemt, dan zullen de bestaande wettelijke bepa lingen nageleefd moeten wor den. Dat deze verbeteringen niet in aanmerking worden ge nomen, omdat het onderhoud zou zijn, frappeert me. dhr. KOENRAADT. Dhr. Her bers heeft rne flink afgekraakt, maar daarvan ben ik niet ge schrokken. De ambtswoning komt nu voor de 2e keer ter sprake. Ik meende te moeten spreken als raadslid. Ik houd vol, dat het verbeteringen waren en geen achterstallig on derhoud. Ook dat de verwach ting gewekt werd dat de huur verhoogd zou worden. Het valt me tegen dat dit niet is geschied Die toezegging heeft mijn royaal heid beinvloed en daarom heb ik destijds vóórgestemd. dhr. GILDEN. Ik vind 't geen stijl deze kwestie in openbare zitting te behandelen. Als het over schoolgeld- vergoeding gaat worden de deuren zelfs ge sloten. YOORZ. Ik schuw de open baarheid niet. Volgnummer 12 De leden van afd. 2 zijn van oordeel, dat voor onderhoud van de ambtswoning een te hoog bedrag is uitgetrokken, aangezien vorig jaar grondige verbeteringen aan het pand zijn uitgevoerd. Voorgesteld wordt het uitgetrokken bedrag tot 150 te verminderen. VOORZ. Wij zijn bereid het op dit volgnummer uitgetrok ken bedrag tot 250 te verla gen. De onderhoudsnorm voor 37

Raadsnotulen

Steenbergen: Notulen gemeenteraad, 1920-1996 | 1956 | | pagina 115