49 1 4 AUG. 1928 Verordening op de heffing van rechten voor het in gebruik nemen van gemeentegrond overeenkomstig het voorstel der commissie van Openbare Werken en de Financieele Com missie vast te stellen, dhr. HERBER8. Wanneer treedt deze verordening in werking VOORZ. Zoodra de Koninklijke goedkeu ring is verkregen. 4. Vaststelling verordening al» be doeld in art. 4 der Bioscoopwet. Het ontwerp dezer verordening wordt ge steld in handen der commissie voor de Straf verordeningen. 5. Driejaarlijksche afrekening bij zondere scholen. In haar eindrapport dd. 28 Juli 1928 advi seert de Fin. commissie de rekeningen der Bij zondere scholen goed te keuren als volgt a. van de R.K. Bijzondere school te De Heen tot een bedrag van f 1165.03 b. idem te Welberg f 2820.60 c. idem in de kom (L. O.) f 5358.82® d. idem in de kom (U. L. O.) f 2854.84 dhr. HERBERS. Bij het nazien der drie jaarlijksche rekening van de bijzondere school op den Dam, is mij gebleken, dat over 1924 een post voorkomt, ten name van Ant. IJzer- mans, groot f 13,35. Dat bedrag of die post komt ook voor op de rekening van zijn dochter C. D. IJzermans, groot f 492,—, zoodat deze post dubbel is berekend. Deze post is te vin den op den verzamelstaat onder A 1 en A 2. Dan is 't mij opgevallen dat een armlastige verpleegde uit het R. K. Gasthuis, die het voorrecht geniet een betrekking te vervullen van dagelijksche huisknecht, op éen jaar is uitbetaald een bedrag resp. van f 8,- en f 10,- voor cokeskloppen en f 32,50 voor hulp bij den schoonmaak. Ik ben de meening toegedaan M. d. V., dat dergelijke bedragen beter besteed konden wor den aan menschen, die kinderen ten hunne laste hebben, om zooveel mogelijk den nood der werkeloosheid te bestrijden. Daar de Onderwijswet van 1920 de Gemeenteraden aan banden legt, zoodat uit alles blijkt dat de bevolking of belastingbetalers zich te weer moeten stellen om het aftappen van hun geld, zonder dat zij daarmede accoord gaan, te be letten, is de Raad verplicht niet meer te geven dan door de wet wordt gevorderd. 5

Raadsnotulen

Steenbergen: Notulen gemeenteraad, 1920-1996 | 1928 | | pagina 50