Overeenkomstig de aanv/i3zingen van de provinciale planologische diensten zal de stedebouwkundige in de toekomst indien enigszins mogelijk - in ieder onderdelenplan ruimte reserveren voor bungalowbouw. Aan verspreide oungalowbouw wordt n.1. de voorkeur gegeven "boven groepe ring in één gebied. ook in het plan "De Kroeven" zal derhalve de mogelijkheid tot bun- galowbouw worden opengehouden. Wat de Bredaseweg betreft kan ik U tenslotte het volgende zeggen Bij brief van 14 augustus 1958 is aan openbare werken een plan ge vraagd voor reconstructie van de Bredaseweg. Op 23 februari 1959 is een plan ontvangen. Op 6 mei 1959 hebben burgemeester en wethouders besloten deze kwestie voorlopig op te leggen. Onzes inziens zijn bijzondere voor zieningen aan de Bredaseweg overbodig, omdat de nieuwe Oostelijke Entrée inleen actueel stadium komt (realisering villa.park Verfraaiing, princi piële instemming van de Rijkswaterstaat voor aansluiting oostelijke en trée op Rondweg 56 reeds verkregen). De Bredaseweg krijgt na de aanleg van de oostelijke entrée een se cundaire betekenis." De heer Simons, wethouder, beantwoordt vervolgens enige opmerkingen uit de algemene beschouwingen aldus "Wij zijn het met de heer de Jong erover eens, dat wij ten aapzien van de financiën van de gemeente heel erg in het duister tasten. En van de zijde van het parlement én van de zijde van de Vereniging van Neder landse Gemeenten en andere gemeentelijke instanties is reeds aangedron gen op een spoedige afwerking van deze aangelegenheid. Zoals wij reeds ook in het verleden hebben gedaan zullen wij trach ten de gulden middenweg te bewandelen tussen al te grote zuinigheid en te grote "vrijgevigheid", dit ook al omdat bij de nieuwe regeling uitge gaan zal v/orden van objectief vast te stellen normen. Daar dit streven reeds enkele jaren bij ons college békend was, hebben wij reeds bij het doen van uitgaven met dit streven rekening gehouden. Met betrekking tot Uw opmerkingen ten aanzien van de in de begroting gevoteerde subsidies zijn wij van mening, dat wij vooral op het gebied /an de subsidiëring op maatschappelijk en sociaal terrein zeer zeker niet achter liggen bij soortgelijke gemeenten. De subsidies, voor 1960 geraamd in de maatschappelijke sector, zijn bijna het dubbele van die in 1954, die voor jeugd- en sportverenigingen zijn ten opzichte van 1954 vervier voudigd, die voor cultuur verdrievoudigd. Daarnaast blijven wij van me ning, dat bij de toekenning van subsidies deze gemeentelijke uitkeringen nog altijd bijdragen moeten zijn in'de kosten van de desbetreffende stichting, vereniging of instelling. Wat de batige sloten van de rekeningen betreft, moet ik zeggen, dat deze zijn veroorzaakt doordat in 1954 de ondernemingsbelasting werd op geheven, Daardoor ontstond over 1954 een belastingoverschot van vier ton, in 1955 een van een half miljoen. Over 1957 is er echter een tekort van 101,000,Dovendien is het zo, dat in 1959 een zodanige omscha keling heeft plaatsgevonden, dat de personeelpost van openbare werken volledig op de gemeentebegroting drukt en dat openbare werken zelf zijn overschotten ontvangt. Dat overschot is vorig jaar besteed voor het opknappen van de Burgerhoutsestraat en de Raadhuisstraat. Over het sportpark hebben de heren Rampaart en de Jong gesproken. Vooral de grondverwerving is in deze van belang. Wethouder Vos heeft daarover gesproken. De heer Rampaart zei echter, dat we er geen stap verder mee zijn. Dat is niet juist. Op 6 maart 1959 werd besloten het grote plan te doen uitvoeren. Op 1 mei 1959 werd aan de Nederla:ndse Hei demaatschappij opdracht gegeven tot uitwerking van het plan. Het basis plan was op 29 oktober 1959 klaar. Dat moest naar de Nederlandse Sport federatie, omdat er DACW-subsidie voor gegeven zal worden. Op 19 januari 1960 Leurde de sportfederatie het goed. Met dè Heidemaatschappij is nu afgesproken, dat zij voor of op 15 februari a.s. het eerste onderdeel gereed zal hebben voor uitvoering. Daarin zullen dan opgenomen zijn: een wedstrijdveld voor voetbal, 2 hockeyvelden, alsmede een half verhard oefenveld voor voetbal. Spreker hoopt dit plan in de volgende ver gadering aan net oordeel van de raad te onderwerpen. - De - De heer Rampaart heeft het een en ander gezegd over het perso neelsbeleid. De heer Theunisse heeft al wat gezegd omtrent het per soneel van de bedrijven. Spreker wil daaraan nog het volgende toe voegen Inderdaad zijn de richtlijnen, welke door de Minister van Binnen landse Zaken op het terrein van de bezoldiging aan de gemeentebe sturen worden verstrekt, dermate stringent, dat zelfs kleine afron dingen van wedde-bedragen veelal tot opmerkingen aanleiding geven. Uitgaande van de stelling, dat de salaris-politiek voor het burger lijk overheidspersoneel geen afwijkingen gedoogt, zal de bewinds man elk algemeen geldend raadsbesluit, dat aan bepaalde personeels leden jan lagere publiekrechtelijke organen bijzondere toelagen of gratixicaties toekent, schorsen, resp. middels artikel 126 van de Ambtenarenwet 1929 vernietigen, afgezien nog van de mogelijkheid een dergelijk besluit middels het begrotings-toezicht te treffen. Uiteraard was ook ons College bekend, dat de raad van de gemeente Rotterdam onlangs een besluit nam aan het gemeentepersoneel een oepaald bedrag te doen toekennen, in grootte variërende tussen j 60, en 100,welke toekenning niet moest worden beschouwd als een poging de salarispolitiek van de centrale overheid te door kruisen, doch louter als een waardering voor het feit, dat in 1959 in de gemeente Rotterdam door de goede zorg van alle ambtenaren - ondanks het Destaan van ongeveer 1700 vacatures - diverse grote werken uot stand konden komen. Indien dan een besluit als dat van de raad van de gemeente Rotterdam al door schorsing -en - naar te verwachten is, straks door vernietiging-zal worden getroffen, hoe veel eerder zal eenzelfde lot een besluit treffen, dat niet-inci- denteel is, doch beoogt in te gaan tegen de meerbedoelde salaris- politiek van decentrale overheid, Een dergelijk besluit kan dan ook.me 0 meer zijn dan een demonstratie van het feit, dat de la gere publiekrechtelijke organen het met het salarisbeleid van de regering verre van eens zijn, als een uiting van wat men in Rot terdam noemt "dappere ongehoorzaamheid". Volledigheidshalve zij aangetekend, dat het Algemeen Ambte naren-Reglement 1954 ons weliswaar de mogelijkheid biedt aan de ambtenaar wegens buitengewone toewijding of bijzonder loffelijke dienstverrichting o.m. een gratificatie toe te kennen. Toen echter urgemeester en wethouders van de gemeente Eindhoven enige jaren gelenen aan het personeel van die gemeente een gratificatie van 3/> verleenden - als Kerstgratificatie -, kwamen zowel de Minister van Binnenlandse Zaken als Gedeputeerde Staten hiertegen in het geweer, omdat bedoeld artikel van het reglement ziet op een inci dentele toekenning van een gratificatie en niet op een toekenning aan het gehele personeel, Gezien het bovenstaande en mede in afwachting van de bespre kingen, wellce - naar ons ter ore is gekomen - begin februari a.s. n iet Kij.cs - g.o, zullen worden hervat, menen wij, dat het toe- ennen van een toelage of gratificatie aan het gemeentepersoneel, wedke vorm dan ook, weinig effect zal hebben, °veriSens zijn wij van oordeel, dat wij voor het personeel pr .p8,eem®ente innen het kader van de mogelijkheden - een doelgericht^ei(\rh+kben Sevoerd? zoveel mogelijk sociaal- en ziin &-eer lra.SI verloop onder het personeel is zeer gering; er maximum in dV'"i ^reS1)6 lonen waren "tot véér kort gelijk aan het maximum in de kleinmetaalnijverheid. maximpal df°79U è'estelde vraag, of de rijwieltoelage (momenteel max maai j per jaar bedragende) kan worden verhoogd tot 7 E*oe° helaas ontkennend worden beantwoord. Te Uwer oriëntatie diene, dat Obpu. -u politiepersoneel een ri^uïtoI?°LT*,of*'tegorlecn ïan het den verleend, nl. diegenen die Xn P"r °aar "°T~ rijwiel afleggen. Voo? de óverigen Week P6r „Uö overigen gelden lagere bedragen. Overi- gens zij m dit verband opgemerkt, dat in de praktijk diverse - percentages -

Raadsnotulen

Roosendaal: Notulen gemeenteraad, 1916-1999 | 1960 | | pagina 21