-6- De heer DE JONGE heeft, zelf deel uitmakende van een "carillon- familie", het voorstel met genoegen gelezen. Hij wil echter, onder verwijzing naar de zin "wij merken hierbij op, dat blijkens verkregen informaties het piano-klavier kan worden bespeeld door ieder die kan pianospelen", opmerken, dat een pianoklavier wat het resultaat betreft zeker niet gelijkstaat met een stokkenkla- vier. Een beiaardier maakt met een pianoklavier niets klaar, maar met een stokkenklavier weet zo'n man heel wat in het spel te leggen. Het is toch ook wel eens leuk, als men eens een beiaardier kan laten komen. De VOORZITTER acht een klein carillon met een pianoklavier toch een aardig begin. Teruggrijpende op de woorden van de voorzitter wil de heer RADEMA KERS eraan herinneren, dat er een werkcomité en een comité van aan beveling bestaan hebben. Is dit voorstel nu tot stand gekomen in overleg met zo'n comité Deze cscmite's hebben weinig animo gecon stateerd bij de burgerij. Er is éénmaal gecollecteerd. Gaat dat geld er nu ook naartoe De VOORZITTER antwoordt, dat het comité voorzover hem bekend nooit verder is gekomen dan praten en dat het geschrokken is van het bedrag. Nu vinden burgemeester en wethouders, dat het moment wel gunstig is. Misschien zal de uitgaaf nu ook door de hogere instan ties worden goedgekeurd. De heer RADEMAKERS meent sterk te moeten betwijfelen, dat er geen geld zou zijn. Hij heeft nl. een circulaire gezien, waarin een giro rekening werd vermeld. De heer VAIÏ HEEK herinnert zich de installatievergadering van het comité nog. Voorzitter was de heer Spekman, penningmeesterde heer van de Ven. De heer Assmann was lid. Op een gegeven tijdstip werd een tweede vergadering gehouden, maar die heeft maar 5 minuten ge duurd. De heer Spekman gaf het woord aan de heer van de Ven en die zei er zijn nog zoveel andere dingen nodig; we kunnen beter over iets anders praten. De heer RADEMAKERS moet toch voorstellen, de beslissing aan te houden en eerst uit te zoeken, wat er in het verleden precie-o ge beurd is De VOORZITTER zegt, dat dit niet nodig is, nu de secretaris van het comité naast spreker zit. Deze heelt hem zojuist meegedeeld, dat het comité zijn werkzaamheden heeft gestaakt tot er betere tijden zouden zijn aangebroken. Dit is naar sprekers oordeel nu het geval. De heer RAMPAART merkt op, dat aan dit voorstel voldoende bekend heid is gegeven. Waarschijnlijk hebben de leden van het comioe de berichten wel gelezen. Ze hadden kunnen reageren. De heer MOER UT GS zegt, dat het voorstel van burgemeester en wet houders eigenlijk hierop neerkomt de inwoners willen niet bij dragen, nu betaalt de gemeente'het maar. Spreker is echter in verscheidene gemeenten geweest, waar men een klokkenspel nad.^De beiaardier zat dan eenzaam in zijn toren en niemand luis- -terde- -7- t rde naar zijn s^eb* ^eïl kan nu wel schermen met mooie woorden als cultuur" en dergelijke, maar als men er zich niet voor interesseer owaarom zou de gemeente er dan kapitaal insteken. De VOORZITTER gelooft, dat men de bekoring van een klokkenspel toen ondergaat al blijft men er niet voor stilstaan. Als men Varï !0Ï1 Bergen op Zoom heeft gehoord, neemt men daarvan t7 bepaalde indruk mee. Als men aan de inwoners zou vragen °.7er 7j°°v het herstel van de toren, zou het antwoord waarschijnlijk ontkennend luiden. Toch is de toren een stukje cultuurbezit. De mensen redeneren we betalen al zoveel belas ting, de overheid moet het maar betalen. Vroeger kwamen er bii- drsgen van welgestelde lieden, maar dat is verleden tijd. Spreker ge Looi odat de overheid de taak heeft, dit over te nemen. De heer HENDRIlS vraagt, of het carillon in de klokkenkamer kan worden gep_aatst zonder dat er gebroken moet worden. Anders zal de gemeenoe weer op subsidie van monumentenzorg aangewezen zijn. De VOORZITTER raadpleegt de offerte en komt tot de conclusie dat er niet veel breekwerk nodig zal zijn. De he^r MAOHIEISE is voor aanschaffing van het carillon. In het advies is echter sprake van een bandsteekapparaat door middel waarvan men zelf nieuwe melodieën op de band kan vastleg gen. Het zal toch wel de bedoeling zijn, daaromtrent een deskun dige te raadplegen penY2ÏÏn^ïER/n^°?rdt daaro"° Bevestigend. Men heeft daarvoor een speciale deskundige op het gebied nodig. De heer RADEMAKERS is tegen het voorstel. De VOORZITTER verzoekt de heer Rademakers, zijn stem te motiveren. hleft8ge^gdMKERS Ze8t' dat dit 91 iS §ebeurd door hetgeen hij De heer SIMONS merkt op, dat hij met deze zaak al een jaar of oé/in JfZ1,SnïS* Tal1 neï comii:e is nooit iets vernomen. De zaak is ook m de culturele raad besproken. Het comité is niet officieel fer maar,als men van zo'n comité gedurende een jaar of ij niets verneemt, mag men toch wel aannemen, dat het in feite verdwenen is6 Het onderhavige voorstel wordt hierna zonder hoofdeiiike sfpmminp "ROOSENDAALOHE EN STEENEERGSCHE VIIET (mE-ADVffi™"619)! -De-

Raadsnotulen

Roosendaal: Notulen gemeenteraad, 1916-1999 | 1960 | | pagina 123