-4- geen positief antwoord geven. Zijns inziens zullen echter gede puteerde staten met schrapping van het woord "eerste" niet"in- stemmen. Een eerste-hypotheekhouder heeft veel meer rechten dan een tweede-hypo'theekhouderOverigens bestaat een soortgelijke regeling ook bij de provincie en ons ontwerp lijkt sprekend op de regeling van de gemeente Oss. En dit voorstel is werkelijk voortgekomen uit verlangens van de ambtenaren zelf, niet uit het brein van het gemeentebestuur. De heer SCHAAESMA gaat dan accoord met de invoering ervan. Hij kon zich de behoefte moeilijk voorstellen. Hij betreurt het overi gens dat het verlenen van tweede hypotheken niet mogelijk zal zijn. De heer SIMONS wil daarnaar wel eens informeren; mochten gedeputeerde staten geen bezwaar hebben, dan gaat hij er natuurlijk mee accoord. Het lijkt hem het beste, dat het maar aldus geregeld wordt als gedeputeerde staten ermee instemmen, zal het woord "eerste" worden geschrapt. Er zitten overigens twee gevallen op te wachten. De vergadering van het "G.0." was juist daarom een spoedvergadering. De heer MACHIEISE wil er in verband met het voornemen tot schrapping van het woord "eerste" nog op wijzen, dat de rente van een tweede hypotheek in het algemeen veel hoger is dan die van een eerste. Als een tweede hypotheek aan een gemeente-ambtenaar verstrekt zou kunnen worden tegen hetzelfde rentepercentage als een eerste, zou snreker er dadelijk mee instemmen, maar hij weet niet, of gedepu teerde staten dat zullen goedkeuren. De heer SIMONS wil,erop wijzen, dat b. en w. zo'n geldlening niet moeten geven; ze kunnen het. Bij de beoordeling van de aanvrage zullen allerlei factoren een rol moeten spelen; de verhouding tussen de bedragen van de eerste en de tweede hypotheek, het salaris e.d. Als iemand een tweede hypotheek kan krijgen, zal hij bij de gemeente wel voordeliger uit zijn dan bij een andere geldgever. Spreker vreest echter, dat gedeputeerde staten het niet goed zullen vinden De hoer PETERS vindt, dat dit oen voortzetting is van wat vóór de bestedingsbeperking bestond. Vroeger kon iedereen zo'n hypotheek krijgen. Toen mocht dat niet meer en de gemeente ging zich toen garant stellen. Hu wordt hier z.i. voor het gemeentepersonee1 weer ingevoerd wat vroeger voor iedereen bestond. De VOORZITTER wijst erop, dat de mogelijkheden van de nu voorgestelde regeling voor het gemeentepersonee1 veel ruimer zijn dan die, welke vroeger voor allen bestonden. De heer VOS denkt, dat aan de bezwaren van de heer Schaafsma Iran worden tegemoetgekomen als men de vorm kiest, die de Boerenleenbank kent. Men passeert daar eenmaal een akte en daarna komen er geen kosten meer. Als echter al een hypotheek ad 90is verleend, zal er wel geen geld meer zijn om de rente van een tweede hypotheek te betalen. -De- De heer SCRAaESMA merkt op, dat een eerste hypotheek voor een tweede gaat, maar dat er overigens buiten het geval van faillisse ment niet zo'n geweldig groot verschil is tussen een eerste en een tweede hypotheek. De heer MOER INGS verwijst naar de woorden van de heer Peters. Wet houder Simons heeft gezegd, dat voor de provincie al een soortge lijke regeling geldt. Misschien volgt het rijk ook nog. De heer Peters heeft nu gevraagd kunnen we niet terugkeren naar de oude toestand, zodat iedere burger een dergelijke hypothecaire lening- kan krijgen. Wethouder Simons heeft gezegd, dat" de gemeente als werkgeefster eigenlijk het voorbeeld moet geven. Deze lijnen lopen echter niet evenwijdig; wat de overheid kan doen kan een particuliere werkgever niet. De heer SIMONS antwoordt, dat verscheidene werkgevers toch iets dergelijks doen. De heer MOERINGS merkt daartegenover op, dat de meeste particuliere werkgevers dit niet kunnen. De VOORZITTER zegt, dat particuliere werkgevers een andere vorm kiezen. Zij steken het geld liever in hun eigen zaak en geven dan garanties e.d. Dat doen zelfs Roosendaalse werkgevers. De heer MOERINGS gaat wel accoord met het voorstel, maar hij zou toch willen, dat geïnformeerd wordt, of de regeling ook kan worden doorgetrokken tot anderen. De heer SIMONS heeft dezelfde wens gehad, toen dit plan begon te spelen. De mogelijkheid tot doortrekking van de regeling bestaat echter niet. poor de bestedingsbeperking is alles de ijskast ingegaan. Er is al naar geïnformeerd. Alleen voor ambtenaren kan nog iets worden gedaan, voor anderen niet. In andere gevallen kunnen alleen garanties worden verleend. Zonder hoofdelijke stemming wordt hierna het onderhavige voorstel aangenomen (zie het besluit nr. 1/10178). 4. ENZ. (VOOR OMSCHRIJVING ZIE DE AGENDA). Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt het onderhavige voorstel aangenomen (zie het besluit nr. 1/10139, het besluit tot 140e wijziging van de begroting 1960 van de gemeente en dat tot 22e wijziging van de begroting I960 van het grond bedrijf) 5. AIS VOREN TOT BESCHIKBAARSTELLING VAN CREDIET VOOR EEN CARILLON IN DE ST. JANSTOREN (PRAE-ADVIES NO. 618). De VOORZITTER'herinnert eraan, dat in het verleden herhaaldelijk is geprobeerd, langs particuliere weg tot aanschaffing van een carillon te komen. Hij gelooft, dat aanschaffing van een carillon ertoe zal bijdragen, Roosendaal iets meer leefbaar te maken en de stad in cultureel opzicht te verrijken. De nu nodige som acht spreker niet onoverkomenlijk. De kerk wordt trouwens gerestau reerd; gedeputeerde staten hebben al goedkeuring verleend aan het besluit tot verlening van een gemeentelijke bijdrage daarvoor. -De- _R.

Raadsnotulen

Roosendaal: Notulen gemeenteraad, 1916-1999 | 1960 | | pagina 122