Hierna wordt overgegaan tot stemming. Deze blijkt de volgende uitslag te hebben 22 stemmen op de heer Vos, 22 stemmen op de heer van Nassau, 22 stemmen op de heer Braat, 22 stemmen op de heer Schaafsma, 22 stemmen op de heer van Beek, 20 stemmen op de heer Noorman, 22 stemmen op de heer Bruijns, 22 stemmen op de heer Moerings, 22 stemmen op de heer Buijsen, 21 stemmen op de heer Goossens, 23 blanco-stemmen. De heren Vos, van Nassau, Braat, Schaafsma, van Beek, Noorman, Bruijns, Moerings, Buijsen en Goossens zijn dus benoemd. Voor het overige wordt het voorstel aangenomen met inachtneming van de vorenomsclireven wijziging van het ledental (zie de besluiten nrs. 1/8273 en 1/8274). 17 AIS VOREN TOT HET VERLENEN VaN EEN EDNANCIEIE BIJDRAGE AAN DE ACTIE "NEDERLAND HELPT BELGIË(PRAE-ADVIES NO. 563). De VOORZITTER meent, dat het gemeentebestuur hier een gebaar moet stellen op grond van de eeuwenlange nabuurschap en de positie als grensgemeente De heer HENDRIKS vraagt, of er ook een landelijke actie komt. De VOORZITTER antwoordt, dat dit verzoek is uitgegaan van de Neder lands-Belgische vereniging West-Brabant. Uiteraard leunnen wij de nood niet' lenigen, maar een vriendschapsgebaar lijkt spreker op zijn plaats. Zonder hoofdelijke stemming wordt hierna het onderhavige voorstel aangenomen (zie het besluit tot 109e wijziging van de begroting I96O van de gemeente). 18. (VOOR OMSCHRIJVING ZIE DE AGENDA). Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt het onder havige voorstel aangenomen (zie het besluit nrIII/7789). 19 AIS VOREN TOT HET AANGAAN VAN EEN VASTE GELDLENING MET DE N .V BANK VOOR NE IER LANDS CHE GEMEENTEN PRAE - ADV LES NO. 565). De hoor SCHAAESMA zegt, 'dat enige maanden geleden, bij de financie-_ ring van het tunnelplan, een lening min oi meer in kannen en ^ruiken was, toen de Bank voor Nederlandse Gemeenten er tussen kwam. Sinds dien heeft spreker in de stukken nooit een andere geldschieter gevonden dan de Bank voor Nederlandse Gemeenten. Bij net bezoek aan Amstelveen bleek, dat het ook anders kan. Ook heeft spreker een onderhoud gehad met een burgemeester van een andere Brabantse semeente, die meedeelde, dat die gemeente leningen sloot met andere geldschieters, binnen het rentegamma. Als KVP-er neemt spreker net standpunt in, dat het particulier initiatief eerst zijn kans moet krijgen en dat de Bank voor Nederlandse Gemeente pas aan oou moet -komen- -13- komen als het particulier initiatief niet te baat genomen kan worden. Spreker is niet tegen dit voorstel, maar het verwondert hem, dat hij nooit een andere geldschieter ziet. De VOORZITTER antwoordt, dat de gemeente aan het rentegamma van 4 1/4 gebonden is. Geen andere geldgever zal daaraan kunnen voldoen, zeker niet in het licht van de recente mislukking van de Zuid-Hollandse geldlening. De heer SCHJaESMA zegt, dat de desbetreffende burgemeester het burgerlijk pensioenfonds noemde. De VOORZITTER antwoordt, dat dat fonds gelden belegt in objecten. Dan wordt het natuurlijk anders. Maar als de gemeente leent of garandeert, zit ze aan dat rentegamma vast. Het voorstel wordt hierna zonder hoofdelijke stemming aangenomen (zie het besluit nr. IV/7791) 20. UITLOTING VAN SCHULDBRIEVEN (PRAE- ADVIES NO. 566). De behandeling hiervan wordt tot het einde van de vergadering uit gesteld 21. AISVOREN TOT AANVULLING VAN DE LEGESVERORDENING (PRAE-ADVIES NO. 567). De heer BUIJSEN zegt, dat volgens dit voorstel de kosten van een toeristenkaart-B en van een paspoort gelijk zijn. Wat is dan het voordeel De heer SIMONS zegt, dat bij koninklijk besluit de toeristenkaart-B is ingesteld. Die moet de gemeente afgeven en daarom moet er een legesbedrag worden vastgesteld. Een toer is t enkaar t-A kan men onmidde lijk krijgen. Voor een toeristenkaart-B moet echter plaatsvinden een onderzoek naar de antecedenten van de aanvrager. Het werk is hetzelfde als dat wat voor de afgifte van een paspoort moet geschie den, Voor Roosenöalers is echter naar sprekers oordeel een paspoort beter, omdat de geldigheidsduur daarvan langer is. Het voorstel wordt hierna zonder hoofdelijke stemming aangenomen (zie het besluit nr. IV/7793). 22. AIS VOREN TOT VASTSTELLING VAN DE "VERORDENING HUURDERS VERGOEDING 1960" PRAE-ADVIES NO. 568). De heer SCHAAESMA zegt, dat hij zijn stem aan dit voorstel zal geven, maar uitsluitend op grond van de overweging, dat een half ei Tpeter is dan een lege dop. Als men ziet, wat een huurder toucheert en wat een boer toucheert, die zijn eigendom verlaat, valt het grote verschil op. Spreker wil niet stellen, dat zo'n boer minder zou moeten hebben, want hij heeft er zijn grond niet mee terug, maar wat hier de huurders wordt toebedacht is toch wel erg miniem. De hele" geest van de verordening ademt die schrielheid. Men zie bijvoorbeeld artikel 2. Daar wordt het oordeel van b. enw. als maatstaf genomen. Dezen zullen de bepaling wel met zorg hanteren, maar het is toch tekenend. In^de commissie is er nu gelukkig nog een beroepsmogelijkheid gecreëerd, maar de hele geest van de verordening is deze als ze meewerken, kunnen ze wat krijgen, anders niet. In het tweede lid van artikel 2 staat "Voor het -geval~

Raadsnotulen

Roosendaal: Notulen gemeenteraad, 1916-1999 | 1960 | | pagina 108