gemeentewet staat, dat de raad het aanbrengen van nieuwe' straat ver lichtingen c-.d. be-veeItVoorts wil spreekster erop wijzen,' dat de commissaris der koningin in Zeeland onlangs heeft gezegd,' dat het hem zo speet, dat de rondvraag afgeschaft was. Zij hoopt, dat de burgemeester ook van het belang van de rondvraag overtuigd raa kt. Ook de heer RAMPAART is van oordeel, dat het afschaffen van de rondvraag spijtig zou zijn. Schriftelijk vragen stellen of inter pelleren is niet zo goed. Spreker heeft dat wel eens gedaan en het werd hem zeer kwalijk genomen. Er werd gezegd waarom hebt U dit niet bij de rondvraag aan de orde gesteld. De heer HENDRIKS heeft zich afgevraagd, of de rondvraag nuttig is. Zijns inziens is dat zeker het geval, als er geen lange discussies plaatsvinden. Hij wil burgemeester en wethouders in overweging geven, dit voorstel in te trekken. De heer MOER IN GS is er ook voor, dat het voorstel wordt teruggenomen Hij weet overigens niet, wat de- gemeentewet hierover bepaalt. Ook de heer SCHAaESMA is niet enthousiast over dit voorstel. Hij_ vindt de argumentatie van burgemeester en wethouders niet overtui gend. Het peil van de vragen is niet hoog. Maar kan de voorzitter dan niet bevorderen, dat de vragen kort en zakelijk worden gesteld Ook zou voorkomen moeten worden, dat anderen er tussendoor gaan^ praten. Men zou zoveel mogelijk do zaken al tijdens de vergadering kunnen afdoen. Boven?. ien is er een belangrijk verschil tussen het stellen van een vraag tijdens een vergadering, en het stellen van een vraag aan een ambtenaar. In het eerste geval krijgt zo'n vraag meer aandacht dan wanneer ze op ambtelijk niveau wordt behandeld. De VOORZITTER merkt op, dat de raadsleden het woord "dorps" misschie' wat hoog hebben opgenomen. Het was meer als een grap bedoeld. Spreke, bearijpt best, datfde raadsleden er prijs op stellen, gelegenheid te hebben om bepaalde dingen via de rondvraag naar voren te brengen. Dat is zelfs een recht. Als dus de rondvraag wordt afgeschaft, moet er iets anders voor in de plaats worden gesteld. In andere gemeenten kan een raadslid bijvoorbeeld een voorstel doen als dat door twee andere leden wordt gesteund. De heer MOER UI GS zegt, dat dit hier ook bestaat. De VOORZITTER acht het nadeel van de rondvraag, dat een raadslid, dat geen vragen stelt, meent, dat hij geen goed raadslid is. De heer BROOS acht de rondvraag toch wel van belang als contact middel tussen de kiezers en de raadsleden. De heer HENDRIKS vraagt, of men het een informatief kwartiertje" kan noemen b.v. De VOORZITTER vindt, dat burgemeester en wethouders hun voorstel moeten handhaven. -De- -7- De heer THEUNISSE zegt, dat het hem bekend is, dat in verscheidene gemeenten de rondvraag afgeschaft is. Hij noemt daarvan voorbeelden. Overigens heeft hij in de loop der jaren moeten constateren, dat, als een raadslid tijdens de rondvraag iets vraagt, deze meer kans heeft, dat het wordt ingewilligd dan wanneer een wethouder de zaak met een diensthoofd bespreekt. Een officieel briefje na c-en raads vergadering heeft op de diensthoofden meer effect dan een mondeling verzoek van een wethouder. Dat is misschien de reden, waarom de raadsleden handhaving van de rondvraag voorstaan. Spreker vindt overigens de toestand, zoals hij die schetste, niet juist. Een even serieuze behandeling moet mogelijk zijn, als er geen rondvraag bestaat. Verzoeken om straatverbeteringen en om verbetering van verlichtingen zijn praktisch altijd ingewilligd. De VOORZITTER wil nog opmerken, dat zijns inziens met de rondvraag - objectief gezien - g->-en enkel gemeentebelang wordt gediend. Hij brengt hierna het voorstel van burgemeester en wethouders in stemming. Het wordt met 17 tegen 9 stemmen verworpen. Tegen het voorstel hebben achtereenvolgens gestemd de leden Rampaart, Broos, Koppenol, Bruijns, de Jong, mw. Elsinga-Iooy Noorman, Schaafsma, Buijsen, van Gorp, van Overveld, Moerings, Hendriks, loos en Goossens. Voor het'voorstel hebben achtereenvolgens gestemd de leden de Jonge, Machielse.van Nassau, Theunisse, Peters, Braat, Siraons, van Beek en Vos 13 EN 14 (VOOR OMS C HRIJV UT GE N ZIE DE AGENDA) Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming worden de onderhavige voorstellen aangenomen (zie de besluiten nrs 1/7781 en 1/7783, het besluit tot 116e wijziging van de begroting 1960 van de gemeente en dat tot 17e wijziging van de begroting 1960 van het grondbedrijf). 15. AIS VOREN TOT BENOEMING VAN DE DEDEN VAN DE COMMISSIES VAN BIJSTAND EN VAN DE COMMISSIE VOOR DE STRAEVERORDENINGEN (PRAE- ADVIES NO. 561). Overgegaan wordt tot stemmingen. Deze leiden tot de volgende uitslagen commissie voor de bedrijven 24 stemmen op de heer Broos, 24 stemmen op de heer Koppenolj 24 stemmen op de hu r Goossens, 23 stem en op de heer Schaafsma, 1 blanco-stem. De heren Broos, Koppenol, Goossens en Schaafsma zijn dus benoemd. -commissie-

Raadsnotulen

Roosendaal: Notulen gemeenteraad, 1916-1999 | 1960 | | pagina 105