8- op deze manier in zijn totaliteit ook geen verhoging zal zijn voor het gemeente-budget Daarbij komt nog aldus de heer Bensbaoh dat van de fanfare in 1971 nog een festiviteit is te verwachten. De Voorzitter beaamt dit en zegt dat dit een grote festiviteit zal zijn. Het raadslid Bensbaoh merkt op dat dit ook weer geld gaat kos ten. Hierna vraagt de Voorzitter wie van de raadsleden in eerste instantie betreffende dit agendapunt no'g het woord verlangt. Het raadslid Janssens wil een opmerking maken met betrekking tot de subsidie aan het Wit Gele Kruis, Hij informeert naar de opgevoerde vergoeding voor administratie van 500, Voor zover hem bekend,is hiervoor vroeger nooit een vergoeding verleend. Daarnaast vindt hij de incasso-kosten ad 810,— of 10'fo van de contributie-opbriigst aan de hoge kant. De Voorzitter zegt dat dit bedrag aan de zeer lage kant is voor 500 leden. Het raadslid Janssens blijft er bij dat dit 10is van de opbrengst. De Voorzitter antwoordt dat het allemaal geld kost. Hij verge lijkt de kosten van een timmerman of loodgieter. Hij vindt deze vergoeding voor 500 leden zeer weinig. Het raadslid Janssens stelt dat de vergoeding van de ontvanger 'van de vakbond veel minder is. Daarnaast stelt het raadslid Janssens voor om een gedeelte van het subsidiebedrag van de Stichting Putte over te hevelen naar de Stichting Putse Carna val alsmede het aangevraagde subsidie door V.V.O.V.volledig toe te kennen, daar deze vereniging veel jeugdwerk verricht en de leden een ruime contributie betalen. Wat de Ouden van Dagen betreft stelt het raadslid Janssens, dat deze mensen van pijn en leed oud zijn geworden, IJ moet wel begrijpen dat wij deze mensen niet tekort mogen doen. Als zij er niet geweest zouden zijn, zouden wij er ook niet zijn, aldus het raadslid Janssens. De Voorzitter merkt op, dat dit ook zo ligt bij Adam en Eva. Het raadslid Janssens zegt het voorgestelde subsidiebedrag aan de bejaarden zeer laag te vinden. De Voorzitter informeert hierna of er nog raadsleden zijn welke in eerste instantie over dit agendapunt nog iets willen zeggen. Nadat niemand meer het woord verlangt, gaat de Voorzitter in eerste instantie over tot beantwoording van de, gestelde vragen. Het raadslid Bensbach heeft gesproken om het voorgestelde subsidie aan de Stichting Putte t.b.v. de Kindercarnaval ad 450,— over te hevelen naar de Stichting Putse Carnaval, De Voorzitter deelt mede, dat enkele maanden geleden het dage lijks bestuur van de toen nog in aprichtingjfzijnde Stichting Putse Carnaval een bespreking heeft gehad met de burgemeester. Door de Stichting zou nog een verenigingsavond worden belegd met de verenigingen. Deze verenigingsavond heeft inmiddels wel plaatsgevonden maar de Voorzitter is hierover nog niet na der ingelicht. Bij de bespreking, tussen de Voorzitter en het dagelijks bestuur destijds is wel als eis gesteld dat: 1 deze Stichting door de gemeenschap in zijn geheel zou worden gedragen en 2. dat men voor een officiële ontvangst op het gemeentehuis met aanvaardbare personen naar voren zou moeten komen, daar de burgemeester deze mensen als autoriteit, tevens plaats vervanger van de koningin, ontvangt. Deze bespreking is heel prettig en aangenaam met wederzijds begrip verlopen. Er is ook de kwestie van het aan te schaffen prinsenpak en narrenpak besproken. Besloten is toen dat men eerst de Stichting rond zou maken. Nadien zouden deze mensen

Raadsnotulen

Putte: Notulen gemeenteraad, 1928-1996 | 1970 | | pagina 131