Het lid van Akkeren-Brand: U hebt dat zeker gedaan meneer van der Weegen en daar zijn genoeg mensen bij geweest. Het lid van der Weeaen: Dan wilt u mensen zwart maken ter wijl u zelf op dit moment niet eens in Halsteren woont. Maar goed, laten we die discussie maar even stoppen. U moet dat nog maar eens toelichten. Het lid van Akkeren-Brand: Erg kinderachtig. Het lid van der Weeaen; Dat is kinderachtig dat begrijp ik. Het zal ook weer wel gelogen zijn. De uitlating van de heer Roosenboom wil ik toch ook even memoreren. Ook daar hoor ik in elk geval van het C.D.A. dat de oppositie hier achter zit en daar wordt mijn naam ook bij genoemd. Helaas moet ik hen teleurstellen. Wij zitten hier in elk geval niet achter. Uitlatingen van de heer van den Kieboom. Ik wil hem nog me moreren aan een brief die ik vorig jaar april naar hem ge schreven heb. Ik vind dat hij die nog maar eens na moet le zen. Een brief geloof ik van vijf of zes kantjes, waarin het eerste hele jaar van reilen en zeilen van zijn coalitie doorgesproken is. Ik ga het niet allemaal zeggen, maar de heer Roosenboom heeft de raad langs alle kanten beledigd, hij heeft de voorzitter langs alle kanten beledigd, hij heeft de ambtenaren langs alle kanten beledigd. Het heeft continu in de kranten gestaan en het lag niet aan de opposi tie, maar het lag aan anderen en ik begrijp, het ligt aan het karakter van de heer Roosenboom omdat hij reageert zo hij niet zou moeten reageren. Dat is een mooi excuus, maar bij grote mensen gaat dat natuurlijk toch niet altijd op. Ik heb de verklaring van de heer Roosenboom aangehoord. Ik denk dat dat een verklaring is over zijn persoon. Dat is heel duidelijk. Daarnaast is er natuurlijk ook nog zoiets als de Gemeentewet en ik denk dat we daar als gemeenteraad mee te maken hebben. Het is zo, wat is er eigenlijk aan de orde. Aan de orde is dat er een aantal publicaties in de krant staan waarbij onze groepering vindt dat er drie zaken aan de orde zijn. Enerzijds de positie van de heer Roosenboom per soonlijk. Daar loopt een gerechtelijk onderzoek over en dat gaat ons inderdaad niets aan. Daar moeten wij ons ook niet mee bemoeien. Daarnaast gaan de publicaties over een wethou der van de gemeente. Iemand van het dagelijks bestuur van deze gemeenteraad. Daarnaast vind ik dat in de publicaties de raad als bestuursorgaan aan de orde is. Met name als gevolg van die twee laatste aspecten is het wel degelijk dat wij daarmee te maken hebben. Daar kunnen wij ons niet van distantiëren, daar mogen we ons ook niet van distantiëren. In dat kader zijn er in de Gemeentewet een aantal artikelen opgenomen die een stuk verantwoordingsplicht als zodanig weergeven. Dus nogmaals, ik ben niet geïnteresseerd in de mening van de heer Roosenboom. Ik ben wel geïnteresseerd in de mening van wethouder Roosenboom. Dat is in deze toch wel anders. Die ene pet hoeft u van mij niet op te zetten, de ander vind ik dat hij richting de raad op moet zetten en ook richting bevolking van Halsteren. Ander aspect wat ik net noemde, de raad. Ook de raad wordt aangesproken in het stuk. De raad is als hoofdorgaan verantwoordelijk voor een aantal zaken in Halsteren.

Raadsnotulen

Halsteren: 1960-1996 | 1996 | | pagina 73